23 januari 2020

Het Ondernemersfonds


Zimmer mit Frühstück

In een ver verleden hadden we in Katwijk al de Vereniging voor Vreemdelingenverkeer, de VVV. Nee, dat was geen club die zich bezighield met mensensmokkel. Het was gewoon een belangenbehartiger voor het lokale bedrijfsleven dat een leuk centje verdiende aan het toerisme. Niks mis mee natuurlijk. Na de oorlog kreeg dat toerisme weer een boost door onze oosterburen die qua welvaartsniveau net even hoger gepositioneerd waren dan wij hier. Ik heb als klein jongetje nog koffers gesjouwd voor deze vreemdelingen die veelal per bus naar ons dorp kwamen. Die brachten we dan vervolgens tegen een bescheiden fooi naar hun adres bij particulieren. “Zimmer mit Frühstück” was een gevleugeld begrip en Chris Verplancke van de VVV was The Boss. 

Zimmer mit Frühstück

Belangenverstrengeling als traditie

In al die tijd was de verstrengeling van belangen tussen de gemeente en het toeristisch bedrijfsleven min of meer een geaccepteerd gegeven. De voorzitter van de ruim gesubsidieerde VVV zat destijds gewoon als raadslid de belangen van die club in de gemeenteraad te verdedigen. Een gebrek aan ethisch kompas zeg je met de kennis van nu, maar misschien wist men toen niet beter. Het is een beetje alsof de voorzitter van het VNO in de Tweede Kamer zit en daar met de pet van volksvertegenwoordiger op openlijk en eenzijdig de belangen van het bedrijfsleven aan het bevorderen is. Niemand die er een vraagteken bij zette. Ook in later tijden, en tot op de dag van vandaag, is de verstrengeling van belangen vanuit de toerismelobby met het bestuurlijk apparaat steeds een feit geweest. Dat is blijkbaar traditie.

Kijk eens wat vaker in de spiegel

De gemeente heeft de afgelopen jaren op indirecte wijze (vooral allerlei infrastructuur) maar ook op directe wijze (citymarketing) miljoenen gestoken in de bevordering van het toerisme. Dat brengt geld in het laatje bij allerlei ondernemers. Stel je nu eens voor dat we de Katwijkse belastingbetaler laten opdraaien voor een publiekscampagne “Kijk eens wat vaker in de spiegel van de kapper”? Dit onder het motto dat er heel veel kappers in Katwijk zijn en dat deze branche ook veel werkgelegenheid oplevert. Over dit gedachtenexperiment weigert men in de Katwijkse politiek na te denken. Heeft dat te maken met die belangenverstrengeling of is het wat anders ? Ook Durf, de partij die alles zou veranderen, loopt braafjes en kritiekloos mee in het gareel. 


Belangenverstrengeling als verdienmodel

In dit klimaat heeft de gemeente Katwijk blijkbaar nu een nieuw verdienmodel ontdekt. We gaan economisch beleid ontwikkelen en laten die beleidsontwikkeling voor 40.000 euro “sponsoren” door het bedrijfsleven dat belang heeft bij datzelfde beleid. Zij gaan het beleid mee ontwikkelen. Dat gaat dus veel verder dan participatie, het is minimaal co-creatie, waarbij de gemeenteraad in het voortraject nauwelijks iets in te brengen heeft. Het georganiseerde bedrijfsleven wil natuurlijk wel wat terug voor deze “gift”. Het is een investering waarop rendement moet worden gemaakt. We nemen toch niet aan dat het een witwasoperatie is. Dit is geen slager die zijn eigen vlees keurt. Dit is een klant die zelf mag bepalen hoe groot zijn gratis biefstuk is, terwijl zijn vegetarische buren voor de kosten opdraaien. We zijn toch niet zo naïef dat iemand 40.000 euro uitgeeft zonder er iets voor terug te vragen ?Die ondernemers zijn daar trouwens heel eerlijk over. Kijk maar naar onderstaande video.


Waar komt het geld vandaan ?

Komt nog bij dat er wellicht sprake is van besteding van belastinggeld dat in een Ondernemersfonds gestoken is en waarover de gemeenteraad niets meer te zeggen heeft. Pakweg 3 ton belastinggeld wordt in feite jaarlijks rechtstreeks doorgesluisd naar belanghebbenden die er vervolgens blijkbaar de gemeente mee onder druk kunnen zetten. Ondertussen wordt trouwens in Katwijk de muziekschool en de bibliotheek kapot bezuinigd. Een onduidelijk groepje in het ondernemersfonds bepaalt op onduidelijke wijze waarin dat fonds wel en niet investeert. Er is geen verantwoording, een evaluatie bleek een zelfevaluatie te zijn. Ik vind dat een onwenselijke constructie. Het gaat om publiek geld. Ik heb daar maar eens een serie vragen over gesteld. Als de antwoorden binnen zijn kijken we verder, maar zo kan het natuurlijk niet.

Hier zet KiesKatwijk vraagtekens bij

Deze vragen gaan verder ook nog in op de amateuristische manier waarop in Katwijk soms beleid wordt ontwikkeld. Maar op dat aspect kom ik later terug.

1.   Is het juist dat het Ondernemersfonds gevoed wordt met Algemene Middelen van de gemeente Katwijk en dat deze middelen dus onttrokken zijn aan het budgetrecht van de gemeenteraad ?
2.   Zijn er aanwijzingen of beperkingen opgelegd m.b.t. de besteding van deze gelden ? Zo ja, op welke wijze is dat vastgelegd en wordt dit ook gecontroleerd ?
3.   Welke formele regelgeving of richtlijnen hanteert het Ondernemersfonds m.b.t. het intern functioneren en bij het verdelen van gelden ?
4.    Indien er sprake is van een reglement of statuten, kunt u deze ter beschikking stellen ?
5.   Wie zitten er in het bestuur en op welke wijze wordt dit bestuur samengesteld ?
6.   Worden er vergoedingen aan het bestuur of derden uitgekeerd ? Zo ja, hoeveel bedragen die ?
7.   Hoeveel geld heeft dit fonds sinds haar oprichting van de gemeente ontvangen ?
8.   Op welke wijze wordt er in het openbaar verantwoording afgelegd over waar de gelden aan besteed zijn ? Het jaarverslag bevat hierover geen informatie.
9.   Vind u het gebrek aan transparantie en verantwoording een goede gang van zaken gezien het feit dat het hier publiek geld betreft ?
10.Kunt u de gemeenteraad een gedetailleerde lijst van uitgaven over de afgelopen drie jaar ter beschikking stellen ?
11.De gepleegde evaluaties blijken zelfevaluaties te zijn. Was dit de bedoeling en wat is de toegevoegde waarde daarvan ?
12.In het project “Toekomstscenario’s Katwijk Marketing” is als resultaat van onderhandelingen met ondernemers  geregeld dat zij 40.000 euro “eigen geld” in dit project investeren. Welk deel van dit bedrag komt uit het Ondernemersfonds en wie fourneert de rest van het bedrag ?
13.Is het in dit verband juist om van een “eigen bijdrage” van ondernemers te spreken als een deel of mogelijk het totale bedrag bestaat uit publiek geld dat via een Ondernemersfonds wordt teruggesluisd ?
14.Vind uw college het verdedigbaar dat ondernemers een actieve rol krijgen als mede-ontwikkelaar van beleid in het backoffice, een rol die dus verder gaat dan reguliere “participatie”, en waarvan zij later zelf (financieel) profijt zullen trekken ?
15.Hoe garandeert u de transparantie in dit beleidsontwikkelingsproces, waarbij tenminste duidelijk wordt wie wat heeft bijgedragen ?
16.Wordt op deze wijze recht gedaan aan een “level playingfield” voor alle mogelijke participanten ?
17.Wordt op deze wijze (“open einde methode”) de gemeenteraad niet op achterstand gezet ?
18.Wordt met het “meebrengen van geld” door belanghebbenden niet de indruk gewekt dat zij hierdoor onevenredig veel meer invloed verkrijgen t.o.v. anderen die niet op deze wijze mogen meedoen of die niet betalen ?
19.Bent u het met me eens dat uit de beraadslagingen met de raad in het besluitvormingsproces duidelijk is gebleken dat alle participanten (ondernemers, winkeliers, marketeers, wethouder) een uiteenlopend beeld hebben over inhoud en vervolgkoers van het project ?
20.Is het verstandig om twee geheel verschillende onderwerpen, Citymarketing en economisch beleid in den brede, in één project onder te brengen ?
21.Bent u het met me eens dat het merkwaardig is om over een organisatievorm (DOK) van “iets” te discussiëren als alle voorafgaande stappen in de beleidscyclus onhelder zijn ?
22.Is op dezelfde wijze het discussiëren over het uitvoeren van een taak via “zelf doen of uitbesteden” niet voortijdig als de inhoud van de taak nog niet eens bepaald is ?
23.Bent u het met me eens dat de raad nu geen betrouwbaar beeld heeft welke koers er wordt gevolgd en naar welk resultaat dit beleidstraject leidt ?
24.Waarom is van de afspraak afgeweken dat bij majeure beleidsontwikkeling de gemeenteraad eerst een startnotitie vaststelt die zo nauwkeurig mogelijk de kaders biedt voor het vervolgtraject van de beleidsontwikkeling ?
25.Moet uit alle kanttekeningen niet de onvermijdelijke conclusie worden getrokken dat het onderwerp nog niet rijp was voor besluitvorming en dat het voorbereidingsproces uitermate rommelig en onprofessioneel is verlopen ?
26.Welke “stations” zijn in dit beleidstraject gepasseerd en waarom is door geen enkel gremium of individu aan de noodrem getrokken ?
27.Welke leerpunten en actiepunten zouden hieruit moeten voortvloeien ?
Jaap Haasnoot

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Social Icons


Featured Posts